“De kracht is dat iedereen de meerwaarde ziet”

Interview met Angela Kok

“Zowel scholen als cultuuraanbieders werken voor de volle 100% mee. Iedereen ziet de meerwaarde van een goed afgestemd lokaal cultuurprogramma voor de basisscholen in Midden-Delfland. Dat we de organisatie door Kunstgebouw laten uitvoeren, voelt voor iedereen als een taakverlichting.” Angela Kok, projectleider Cultuureducatie met kwaliteit in Midden-Delfland, ontwikkelde samen met scholen en cultuuraanbieders én met hulp van twee provinciale partijen een cultuurprogramma dat helemaal aansluit op de behoeften van de scholen.

Toen Angela de opdracht van de gemeente kreeg om de kwaliteit van het cultuuronderwijs in Midden-Delfland te vergroten, wist ze meteen dat ze dit praktisch moest aanpakken. “Als het te veel tijd kost, haken mensen af.” Ze organiseerde drie brainstormsessies. De eerste sessie was met leerkrachten van verschillende scholen uit de gemeente. Samen hebben ze het bestaande aanbod van de lokale culturele organisaties op een rij gezet. “Het viel me op dat niet alle leerkrachten hiervan op de hoogte waren.” Vervolgens hebben ze dit aanbod kritisch onder de loep genomen. Past dit bij de belevingswereld van kinderen? Sluit dit aan op onze lespraktijk? Inspireert dit onze leerlingen? Kunnen we er in de klas op verder bouwen? En tot slot bespraken de leerkrachten wat ze nog misten in dit aanbod. “Muziek voor groep 5 was bijvoorbeeld een wens. Een lokale muziekvereniging is er wel, maar die had nog geen aanbod voor scholen.”

Wensenlijstje
Met dit wensenlijstje begon Angela aan sessie twee. Dit keer waren alle lokale cultuuraanbieders uitgenodigd. De wensen werden besproken en ideeën voor nieuw of aangepast aanbod begonnen al te borrelen. Aan sessie drie namen zowel de leerkrachten als de cultuuraanbieders deel. “We bespraken bijvoorbeeld wat leerkrachten nou eigenlijk belangrijk vinden bij een muziekles.”

Aanbieders gingen met de input van de leerkrachten aan de slag om nieuw aanbod te ontwikkelen of om hun bestaande aanbod beter te laten aansluiten op de wensen van het onderwijs. Daarin werden ze begeleid door Angela en Karin Kievit van Erfgoedhuis Zuid-Holland, die ook al bij de brainstormsessies betrokken was. “Elke aanbieder was aan een school gekoppeld. Eerst bedachten de aanbieders een lesformat. Dat bespraken ze met een leerkracht. Vervolgens werkten ze de les verder uit en ten slotte werd de les op de school uitgeprobeerd.” In sommige gevallen ontvingen aanbieders een training. “Vrijwilligers van de Historische vereniging Oud-Schipluiden weten alles over het leven op kasteel Keenenburg. Maar hoe hou je dit voor leerlingen van groep 6 interessant?”

Geen losse eindjes
“Nu de inhoud steeds meer vorm kreeg, rees de vraag: hoe gaan we dit organiseren? Want om een programma als dit te draaien, is het belangrijk dat de organisatie goed is. Je hebt iemand met veel ervaring nodig die de gastlessen en locatiebezoeken coördineert en vijf dagen per week beschikbaar is. Daarom heb ik Kunstgebouw gevraagd. In gesprek kwamen we op het idee om ook gebruik te maken van het digitale platform van Kunstgebouw. Zoiets zelf ontwikkelen kost veel geld. Dus waarom niet aanhaken bij iets wat er al is? Elke school heeft een eigen inlogcode en kan op de site de roosters en al het bijbehorende lesmateriaal vinden. Bovendien maken verschillende scholen in Midden-Delfland al van het platform gebruik omdat ze deelnemen aan Kijk|Kunst en Doe|Kunst. Nu vinden ze alles bij elkaar. Dat maakt het voor scholen zo veel overzichtelijker.”

Hans van der Houven, bestuurslid van Muziekvereniging Caecilia, moest even wennen aan het idee om de coördinatie uit handen te geven: “Eerst vroeg ik me af waarom het zo gestructureerd moest. Maar nu ik het resultaat zie, merk ik dat het heel fijn werkt. Er zijn geen losse eindjes meer.” Wim van Mourik, directeur van de Mariaschool, vult aan: “Heel fijn dat een professionele partij de coördinatie doet. Dat neemt ons een hoop werk uit handen. Zo kunnen we ons focussen op de inhoud van het cultuuronderwijs.”

Financiering
Een programma kost geld. Angela vond het spannend hoe de scholen hierover dachten. “Ik heb er bewust voor gezorgd dat het niet te duur werd: 3 euro per leerling. Zo kunnen scholen uit hun budget van 15,78 euro per leerling voor cultuureducatie meedoen aan Kijk|Kunst of Doe|Kunst, meedoen aan het lokale cultuurprogramma én blijft er nog iets over voor andere activiteiten. De schooldirecteuren bleken het bedrag geen probleem te vinden. En de gemeente bood aan om het eerste jaar van het programma te financieren, dus het eerste jaar is deelname voor de scholen gratis.”

Wethouder Wendy Renzen ondersteunt het project graag: “Ik ben er trots op dat we als gemeente samen met de lokale organisaties en de scholen het Cultuurprogramma Midden-Delfland kunnen realiseren.”

Contract
Op 20 november werd het cultuurprogramma Midden-Delfland feestelijk gelanceerd. Scholen, cultuuraanbieders en gemeente tekenden ter plekke een contract dat ze drie jaar aan het project meedoen. Angela: “Ik vond het belangrijk om dit vast te leggen. Want je moet zo’n programma de tijd geven om zich te ontwikkelen. Na één jaar weet je nog niet genoeg. We moeten vast nog dingen bijschaven. Bovendien voorkom je op deze manier dat het project bij de eerstvolgende bezuiniging verloren gaat.”

Alle betrokken leerkrachten en aanbieders waren aanwezig bij de lancering. De betrokkenheid is groot. “Ik vraag me weleens af: wanneer komt er nou weerstand? Maar zowel scholen als cultuuraanbieders werken voor de volle 100% mee. Het programma is echt samen ontwikkeld. Iedereen voelt zich deelgenoot en ziet de meerwaarde van de samenwerking. Dat is de kracht van het project.”