Gert Biesta over kunst en onderwijs - Kunstgebouw

Gert Biesta over kunst en onderwijs

Samenvatting lezing
Werk van Banksy met de tekst: the earth without art is just eh
Kunstwerk: Banksy

Op dinsdag 28 maart 2017 organiseerde KCR de tweejaarlijkse conferentie Afkijken mag! in samenwerking met Kunstgebouw. In de Arminiuskerk in Rotterdam hield Gert Biesta de keynote lezing.

Onderwijspedagoog Gert Biesta is verbonden aan de Brunel University in Londen, NLA University College in Bergen (Noorwegen) en Universiteit voor Humanistiek in Utrecht. De titel van zijn lezing luidde: Kunst in de context van het onderwijs | Onderwijs in de context van de kunst.
Zelf noemt Biesta zich een kunstamateur (in de zin van liefhebber), met name in muziek. Zijn handen jeukten dan ook toen hij het orgel in de Arminiuskerk zag.

Twee problematische ontwikkelingen

Biesta begon zijn betoog met het schetsen van twee problematische ontwikkelingen:
1.   Kunst verdwijnt uit kunsteducatie
2.   Educatie verdwijnt uit kunsteducatie

1. Kunst verdwijnt uit kunsteducatie
Volgens Biesta is het gevaarlijk om kunst als instrumentele rechtvaardiging te gebruiken: ‘kunst is nuttig, omdat het de ontwikkeling bevordert van …’. Hier gaat het niet echt om kunst, want als er snellere en goedkopere manieren worden gevonden om hetzelfde te bereiken, is kunst niet meer nodig. Kunst moet er zijn om de kunst.

2. Educatie verdwijnt uit kunsteducatie
Waar scholen ‘exam factories’ zijn geworden, biedt kunst mogelijkheden aan kinderen en jongeren om hun eigen stem uit te drukken, creatief te zijn, hun identiteit te vinden. Echter, wat als die stem racistisch is, de creativiteit destructief en de identiteit egocentrisch? De pedagogische opdracht is om de goede stem, de goede creativiteit en de goede identiteit te vinden, in tegenstelling tot uitsluitend expressie.

Persoonsvorming

Kwalificatie, socialisatie en subjectivering noemt Biesta de drie doeldomeinen van het onderwijs. Subjectivering wordt ook wel aangeduid met persoonsvorming. Biesta toonde zich blij verrast dat in het onderwijs weer over persoonsvorming gesproken wordt. Dat moet echter niet verward worden met de sociaalpsychologische term persoonlijkheidsvorming, zoals in het advies onderwijs2032 en bij de inspectie gebeurt.

De drie doeldomeinen overlappen elkaar. Een deel van persoonsvorming is socialisatie: wie ben ik en waar identificeer ik me mee? (identiteit) Een ander deel van persoonsvorming is subjectificatie: hoe ben ik en hoe geef ik mijn vrijheid volwassen vorm? (subjectiviteit)

Bij persoonsvorming als socialisatie is de taak van de pedagoog om de inrichting van de wereld te tonen: zo zijn onze manieren. Denk aan politiek, verkeersregels en omgangsvormen. En om leerlingen te helpen zich te oriënteren en een plek te vinden.

Bij persoonsvorming als subjectificatie helpt de pedagoog te oefenen met volwassen vrijheid. De pedagoog moet het verlangen wekken om op een volwassen manier in de wereld te zijn. Biesta lichtte de drie vetgedrukte termen nader toe met betrekking tot kunst.

In de wereld zijn: het ervaren van weerstand.
Daarop kun je reageren met overwinnen (risico: wereldvernietinging) of terugtrekken (risico: zelfvernietiging). De uitdaging is om in het midden uit te komen. Biesta noemde dit ‘dialoog’, niet als gesprek, maar als manier van bestaan. Kunst zit volgens hem in het midden. Kunst is de dialoog van de mens met de wereld.

Volwassenheid: niet als uitkomst van een ontwikkeling maar een manier van in de wereld zijn.
“In de wereld zijn zonder jezelf in het centrum van de wereld te plaatsen.” De term volwassenheid betekent overigens niet dat mensen met grote lijven dit altijd kunnen/doen en mensen met kleine lijven niet. Hier draait het om de pedagogische vraag: Is wat ik wens wenselijk? Is wat ik verlang verlangbaar? Voor mijn eigen leven, dat van anderen en de planeet. Verlangens en wensen moet je niet onderdrukken maar bevragen en omvormen zodat ze het volwassen in de wereld zijn ondersteunen. In kunst draait het om het verkennen van je eigen verlangens en het ontmoeten van je grenzen en daarmee aan de slag te gaan.

Verlangen wekken: de vorming van de wil.
In het onderwijs is de uitdrukking ‘hoofd, hart, handen’ (nog steeds) in zwang ( J.H. Pestalozzi 1746-1826). Biesta geeft aan dat we dit niet moeten vertalen naar: cognitie, sociaal-emotionele ontwikkeling en handenarbeid, maar naar: denken, voelen en willen als drie manieren om ons te verbinden met de wereld. Kunst is voelen voor en willen van de wereld.

Taak van de pedagoog

Het pedagogisch werk bestaat volgens Biesta uit:
1.    Onderbreken: weerstand inbrengen (materieel en sociaal) om volwassen in de wereld zijn mogelijk te maken.
2.    Uitstellen: ruimte, tijd en vorm bieden om een relatie met je verlangens tot stand te brengen.
3.    Ondersteunen: om het uit te houden in de dialoog met de wereld en om te laten zien dat wat op korte termijn moeilijk is, op langere termijn een betere optie is.

Biesta: Kunst biedt een unieke mogelijkheid voor onderwijs dat niet smal wil scholen, maar breed wil vormen.

Na de lezing werden door leden van de Kenniskring21 vragen gesteld aan Gert Biesta. Biesta stelde dat een school zich moet afvragen of men wel mee moet gaan in nieuwe ontwikkelingen zoals de 21ste eeuwse vaardigheden. De 21ste eeuwse vaardigheden zijn in zijn ogen overlevingsvaardigheden. Deze kunnen belangrijk zijn, maar ook egocentrisch. Ook tegenover vakoverstijgend werken staat Biesta kritisch: je moet eerst de vakken goed beheersen voordat je kunt overstijgen.

Scholen en leerkrachten raadt Biesta aan om de volgende vragen te stellen:
Wat is onze opdracht, ofwel wat moeten we en wat willen we?
Hoe doe ik het werk dat ik moet doen goed?

Biesta stelde dat vooral bij kijken (of luisteren) naar kunst het ontmoeten van weerstand tegelijkertijd het ontmoeten van je eigen verlangens is. Als voorbeeld gaf hij dat muziek luisteren het oefenen van geduld is. Je moet erbij blijven. Op de vraag hoe je kinderen kunt helpen erbij te blijven, zei hij “door het openhouden van deurtjes naar de ziel. Vijftien minuten theater kan misschien een slot openen dat al jaren is vastgeroest.” Verder benadrukte Biesta dat belangrijk is om jong te beginnen om dat slot te openen en om in de wereld te komen, omdat dit een kwestie is van lange termijn.