
Janus Zevenklap is bakker van verfijnde baksels. Zijn dorpsgenoten, die meer van het zware roggebrood zijn, noemen hem Slapjanus. Op een dag slaat hij zeven vliegen in één klap dood en trekt hij, overmoedig geworden, de wijde wereld in. Totdat hij, als beloning voor zijn heldendaden, een prinses in de schoot geworpen krijgt. Zij is echter niet zo onder de indruk van zijn heldengedrag. ‘Doe maar gewoon’ is haar devies. Zijn lekkere stroopwafels zijn voor haar belangrijker dan zijn zogenaamde heldendaden.
Het verhaal van Janus Zevenklap wordt verteld door meesterverteller Laurens ten Den van het gezelschap Rood Verlangen. Twee andere leden, Nico-Jan Beckers (accordeon) en Auke de Vries (klarinet), voorzien het van de beeldende muziek van Igor Strawinsky en Béla Bartók.
In de klas komt een lespakket met een lerarenhandleiding, cd en poster. Op de cd wordt het verhaal zó verteld dat je het meteen voor je ziet. De muziek doet daar nog een schepje bovenop en helpt de leerlingen zich in te leven in de verschillende personages. Ze gaan lopen als Janus, gedragen zich als een prinses leven zich in in de koning, of laten als dorpeling het dorp in al zijn aspecten tot leven komen. Door aan de slag te gaan met dit aansprekende verhaal ervaren de leerlingen de lol van het theater maken.